Home PageDe Hoge VeenAccèsContacts et liens utiles DocumentatieDE - FR

 

Verhandelingen

Serge NEKRASSOFF, Hautes-Fagnes. Cartographie ancienne. Enseignements des cartes anciennes pour servir l’histoire du haut plateau fagnard et retracer l’évolution de ses paysages, Waimes, Haute Ardenne, 2014, 104 p..

Outre leur aspect esthétique indéniable, les cartes et plans sont d’un grand intérêt pour reconstituer l’histoire d’un milieu. Par le passé, les documents cartographiques de la région fagnarde ont été principalement consultés pour retrouver le tracé de frontières, de chemins ou pour situer des petits monuments (bornes, croix, etc.).

Leurs enseignements dépassent pourtant largement ces cadres. Ils livrent en effet de précieuses informations sur le couvert végétal, l’exploitation économique, l’évolution de l’habitat, la démographie, la toponymie, le folklore. La manière de représenter un milieu sur une carte révèle aussi l’image que l’on a de ce milieu, l’attrait ou le rejet qu’il inspire

La confrontation des documents cartographiques entre eux, mais aussi avec d’autres catégories de témoignages, enrichit incontestablement la connaissance de l’évolution des milieux fagnards depuis qu’ils sont arpentés et exploités par l’homme.

Albert PISSART, Les « viviers » des Hautes-Fagnes. Traces spectaculaires de la dernière glaciation, Waimes, Haute Ardenne, 2014, 56 p.

Albert Pissart nous livre ici la nouvelle synthèse de ses résultats de recherches sur le phénomène géologique des lithalses. Visibles dans la Brackvenn, mais aussi cachées sous la tourbe dans d’autres endroits du Haut Plateau fagnard, les lithalses ont suscité plusieurs théories quant à leur mode de formation à la fin de la dernière période glaciaire, il y a environ 13.000 ans. Leur apparence de cratère n’a cessé d’intriguer les chercheurs depuis plusieurs décennies. Elles sont également rares sous nos latitudes, ce qui représente un autre caractère original du milieu desHautes-Fagnes.

Albert Pissart, a consacré une partie de sa carrière à déterminer leur processus de formation pour aboutir à une théorie qui fait aujourd’hui autorité en la matière. Il est Professeur émérite à l’Université de Liège, membre de l’Académie des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts de Belgique.

Hans STEINRÖX, Reinartzhof und Hattlich. Zwei alte Kulturstätten im Hohen Venn, Eupen, GEV, 2013, 272 S.

Dieses Buch bietet eine umfassende Darstellung der geschichtlichen Ereignisse rund um zwei Siedlungen im Hohen Venn: Reinartzhof und Hattlich.

Seit die letzten Bewohner im Jahre 1971 den Reinartzhof verlassen haben, ist es dort ruhig geworden; der Wald hat wieder vom gerodeten Land Besitz ergriffen und nur Wanderer, Rehe und Hirsche ziehen dort ihre Bahn. Vom Reinart blieben nur ein paar Mauerreste.

Für die Weltkriegsgeneration war der Reinartzhof aufgrund seiner Nähe zur Grenze als Umschlagplatz für den Kaffeeschmuggel wohlbekannt und trug auf seine Weise wirksam zum Wiederaufbau der kriegszerstören Dörfer des Monschauer Landes bei. Den damaligen Schmugglerkolonnen dürfte kaum bewusst gewesen sein, dass sie sich auf ihren Wegen im Venn auf den Spuren mittelalterlicher Pilgerscharen bewegten, die zu den Heiligtümern in Aachen und Trier strebten.

Der Autor schildert die Entstehungsgeschichte der Siedlung als Pilgerhospiz und erinnert an die Menschen, die in der Abgeschiedenheit des Hohen Venns nach dem Übergang des Hospizes zu herzoglichen Pachthöfen als Pächter – später als selbständige Bauern – wirtschafteten und ihre Heimat hatten.

Im zweiten Teil des Buches widmet sich der Autor der Stätte (Alt-)Hattlich und beschreibt ihre Entwicklung von den Anfängen als Schenkung an die Prämonstratenser von Reichenstein bis hin zur ersten Besiedlung.

Zusammenfassung aus : http://grenzecho.net/

K.D. Klauser, S. Nekrassoff, M. Paquet et B. Rauw, 1911. Les Hautes-Fagnes en feu. Chronique de l'incendie à travers la presse régionale, Waimes, Haute Ardenne asbl, 2011, 132 p.

In het begin van de maand augustus van het jaar 1911 brak er een verwoestende brand uit in de Hoge Venen. De vele regionale krantenkoppen die toen het verloop van de brand dagelijks becommentarieerden hebben de auteurs een beeld gegeven over de omvang van de gebeurtenis. Op deze manier konden ze een licht werpen op de strijd die duizenden, zowel burgerlijk als militaire, Belgische en Duitse mannen hebben geleverd om deze ramp, die 4.000 hectare heide en bos bedreigde, te overwinnen.

Het evenement wordt bestudeerd in al zijn aspecten: oorzaken, locaties van de brandhaarden, toeloop van nieuwsgierigen, animatie rond de veenherbergen, samenwerking tussen de Belgische en Duitse militairen, invloeden op het milieu ... De brand van 1911 was daarna de aanleiding voor het oprichten van de eerste vereniging die zich zal inzetten om de Hoge Venen te beschermen.

S. Nekrassoff, Textes fagnards. Inédits - inattendus (18e-début 20e siècle), Embarcadère du Savoir - Haute Ardenne, 74 pages.

Een van de doelstellingen van deze bundel is om de lezer te verrassen. Overgeschreven en van commentaar voorziene documenten pakken een verscheidenheid van onderwerpen aan. Bekeken vanuit een onverwachte of onbekende hoek maken we kennis met : vergeten verhalen en gebeurtenissen, feiten van een vorig leven aan de rand van het plateau, verlaten wetenschappelijke hypothesen ...

Het zijn enkele boeiende stukken die hun plaats moeten vinden in het plaatje van de geschiedenis van de Hoge Venen. Allen hebben een ding gemeen: ze onthullen de relaties en interacties tussen mens en dit zo bijzonder milieu in onze contreien.

S. Nekrassoff, Michel Schmitz et la Baraque Michel. L'histoire avant la légende, 2010, 42p., illustrations.

Wat weten we eigenlijk van Michel Schmitz en de oprichting van Baraque Michel? Tot voor kort was de geschiedenis van de stichter van de herberg voornamelijk gebaseerd op soms tientallen jaren na de feiten afgenomen getuigenissen. Ze waren nog minder betrouwbaar dan de legende verbonden aan de plaats en zoals bij een lachspiegel was hun inhoud totaal vervormd.

De vandaag ingezamelde documentatie wordt niet blootgesteld aan dit risico aangezien de meeste gevonden stukken dateren van voor de oprichting van de instelling of eigentijds zijn. Ze bieden enige verduidelijking, verbeteren sommige interpretaties, en tot slot onthullen ze nieuwe elementen.

S. Nekrassoff, Images et visages des Hautes-Fagnes. Evolution d'un paysage et de sa perception, 2007, 120 p., illustrations et photos noir et blanc.

Een andere kijk op het verleden van de Hoge Venen. Dat is in enkele woorden de samenvatting van deze nieuwe publicatie die wij u voorstellen om te ontdekken. Ze herbekijkt de beelden van het hoogplateau die gedurende meer dan 200 jaar door schrijvers, reizigers, toeristen, maar ook door wetenschappers verzameld zijn geworden. Ze legt ze naast de historische bronnen en vergelijkt de indrukken van de een en de gegevens die door anderen zijn aangebracht. Een aanpak die een aantal verrassende verschillen onthult.

Ontoegankelijke heiden, vijandige natuur, onvruchtbare woestijn, verlaten landschap, verraderlijke en dodelijke veengebieden. Dit zijn beelden gelinkt aan een veenmilieu uit het verleden die nog steeds gangbaar zijn vandaag de dag. Zijn ze waar, of verwijzen ze naar overmatige impressies doorgegeven van generatie op generatie?

De auteur haalt zijn informatie uit oude documenten en probeert zo een inzicht te krijgen over de verschillen die bestaan tussen de emotionele beelden, die zijn geëvolueerd door de eeuwen heen, en de in de loop van de geschiedenis gewijzigde gezichten van het plateau. Die reconstructie kan dank zij de vele wetenschappelijke en historische onderzoeksresultaten. Een aanpak die ook de gelegenheid biedt om te herinneren aan de banden die de mens al meer dan een millennium met dit milieu onderhoud.

S. Nekrassoff, B. Schutz, V. Schleck, Contes, légendes et autres histoires autour des Hautes-Fagnes, nouvelle édition, 2008, 88 p., illustrations et photos noir et blanc.

Het zou verrassend geweest zijn als deze bijzondere omgeving geen verhalen en legendes genereert had onder de lokale bevolking. De meeste universele thema's vonden er een speciale instelling: pacten met de duivel, rode herberg, dwaallichten, kabouters, tovenaars, enz. In tegenstelling tot andere soortgelijke publicaties die de Hoge Venen vermelden in hun titel, behoren de hier verzamelde verhalen uitsluitend tot de dorpen die het hoogplateau omringen.

Het boek onderzoek de oorsprong van de verschillende verhalen die vandaag de dag nog steeds bekend zijn. Het probeert om onderscheid te maken tussen de "authentieke" verhalen verteld tijdens traditionele bijeenkomsten en deze die ontsproten zijn aan de verbeelding van de regionale vertellers zoals Marcelin Lagarde, Albert Bonjean en vele andere.

Fagnes d'autrefois, CD-ROM, 2006, environ 300 vues commentées.

Deze CD is een verzameling van veenzichten zoals ze zich iets minder dan honderd jaar geleden aan de ogen van de eerste wandelaars vertoond hebben. Het doel is niet alleen de staat van het landschap zoals het toen was weer te geven, maar ook hoe men het waarnam. Het veen is vandaag voor al haar bezoekers een ruimte van ontspanning, van rust, een kans om te werken met de natuur, en voor een aantal een milieu dat gespaard is gebleven van het impact van de menselijke activiteiten. De fijnspar lijkt er te zijn voor de eeuwigheid alhoewel het hier om een 150 jaar geleden ingevoerde soort gaat. Als men vandaag spreekt over de exploitatie van het hoogplateau, denken we meteen aan het toerisme. De toeristen waren met erg weinig in de vroege 20e eeuw. Ze werden met nieuwsgierigheid en ongeloof geobserveerd door de veenbewoners die in de omliggende dorpen woonden en die voor een gedeelte leefden van hetgeen ze konden onttrekken uit een als ondankbaar gekend milieu.

 




 

 

 

 

 

 

     

Les hommes et les Hautes-Fagnes, Haute Ardenne asbl,1994, 121 p.

UEen boek bestemd voor al degenen die het verleden van de Hoge Venen en in het bijzonder de banden die de lokale mensen sinds de vroege middeleeuwen hebben onderhouden met dit milieu willen ontdekken: oude wegen, demografische ontwikkeling, de bosbestanden, betekenis van plaatsnamen, de schilders van de Fagne, enz.

M.J.M. Bless et M. C. Fernandez Narvaiza, Op zoek naar het verloren landschap van de Euregio Maas-Rijn, 1996, 27 p.

Deze publicatie nodigt u uit voor een echte reis naar de prehistorie van de regio. Ze beschrijft de verschillende landschappen die zich hebben voorgedaan sinds het Cambrium 500 miljoen jaar geleden tot aan het begin van onze jaartelling, zijnde 15 miljoen jaar. Regenwouden, woestijnen, oceanen hebben in deze periode het hoogplateau bedekt.

A. Pissart, Les "viviers" des Hautes-Fagnes, [1999], 56 p.

De venen behouden de sporen van een bijzondere geologische verschijnsel gelinkt aan de laatste ijstijd, die ongeveer 10.000 jaar geleden eindigde: de lithalsen. Vanuit de lucht gezien lijken ze op kraters met een doorsnede van tientallen meters.

S. Nekrassoff, Le Pavé de Charlemagne, une route médiévale au coeur des Hautes-Fagnes , 2002, 24 p.

Deze weg is een echt veenraadsel uit het verleden. Het gaat om een stenen wegdek ondersteunt door een houten onderbouw die moet vermijden dat hij wegzinkt in de moerassige gedeelten. Een krachttoer die heel wat mankracht en materiaal zal gevergd hebben tijdens de bouwperiode in de Middeleeuwen. Maar wie was de promotor van dit werk? Wat was de functie van de weg? Er zijn enkele hypotheses maar geen zekerheid.